01
Apr

Victoria

Hoewel Vancouver veruit de grootste stad in BC is, is het niet de hoofdstad. De eigenlijke hoofdstad bevindt zich op Vancouver Island en gaat bij de naam van Victoria. In alle boekjes wordt de stad omschreven als een leuke provinciestad met een zeer Europese, Britse stijl en met opkomende thuiskomst in gedachten, hadden we drie daagjes Victoria gepland met Bart als metgezel.

Om het meeste uit de trip te halen, hadden we besloten om de bus te nemen om half 8 ‘s ochtends, (er was er ook eentje een uur vroeger, maar dat leek net iets minder haalbaar). Zelfs om de bus van half 8 te halen, moest ik om half 5 opstaan zodat ik me kon douchen en een uur later de bus kon nemen richting Bart. Richting, welteverstaan, want op dit uur reden er nog niet veel bussen dus ik geraakte maar halfweg en moest dan nog eens twintig minuten verder wandelen. Op zich was dit niet zo erg, er was nog niet echt volk op straat, alle niet-gekke mensen sliepen immers nog en het gaf me de mogelijkheid om nog wat mee te zingen met de OST van Wicked die tegenwoordig constant aan het spelen is.Na nog een wandeling van drie kwartier geraakte we uiteindelijk om een tamelijk oude uitziende bus – met Hollands koppel achter ons, kwestie dat we deze keer zeker moesten oppassen wat we zeiden en waren we onderweg.

Na een rit van anderhalf uur waren we dan helemaal ten zuiden van Vancouver en klaar om op de ferry te gaan. Vancouver Island is immers een eiland en enkel via vliegtuig (duuuur) of via ferry te bereiken. Onze bus mocht als eerste op de ferry (en er ook als eerste terug af) en eens losgelaten gingen we dan opzoek naar een beetje ontbijt.

Zoals je op de bovenstaande foto kan zien was het niet al te best weer onderweg. Om niet te zeggen dat het een klein beetje regende en eens we naar buiten op de ferry gingen, je je zeer goed moest vasthouden omdat een koude wind je een klein beetje meesleurde. Ik geef dan ook eerlijk toe dat ik niet zo blij was met het feit dat we buiten rondliepen en Bart was dan ook vrolijk met mij aan het lachen als ik zeer voorzichtig met kleine pasjes mij verder bewoog. Uiteindelijk was het nog wel leuk en eens ik helemaal vooraan op de boot stond, amuseerde ik me rot en was het iemand anders die moest afdruipen omdat hij niet tegen de regen en wind kon.

Enfin. Victoria dus.

Victoria is, zoals de boekjes zeggen, zeer pittoresk, mogelijk net iets té naar mijn gevoel. Zoals op de eerste foto al te zien is, heeft het een zekere klassieke Europese stijl, maar in tegenstelling tot Europa, is het hier fake. Mijn metgezel vergeleek het met disneyland en dat is het wel wat. Blankenberg aan de Stille oceaan. Downtown Victoria is dan ook zeer klein, alles sluit om 5 uur en lijkt meer een toeristentrap en bejaardenverblijfplaats als wat anders. Ik miste een beetje ziel in alles. Don’t get me wrong, ik moet geen stad hebben met oude gebouwen, ik hou net zo goed van staal en glas, maar het feit dat ze het hier allemaal bouwen zoals hieronder op de foto en dan doen alsof het een Brits gevoel is terwijl het parlementsgebouw bijvoorbeeld nog geen honderd jaar oud is… nu ja, fake dus. Wat eveneens niet wilt zeggen dat het geen mooie gebouwen waren, ik miste gewoon een ziel in de stad. Naar het schijnt ben ik een snob.

Gelukkig viel de tweede dag beter mee. Niet enkel waren we uitgerust van onze zalige bedden in het Marriott, maar ook was het weer vele en vele beter. Met een stralend zonnetje gingen we de tweede dag in en omdat we al geleerd hadden dat Canada niet echt vergelijkbaar is met Europese kunst (en ook omdat ik zo een klein beetje blut ben), besloten we het museum links te laten liggen en gingen we wat meer de natuurkant op.

Om te beginnen was er Craigdorrach Castle, een huis gebouwd door een familie die steenkool gevonden hadden op het einde van de 19e eeuw in Victoria en daar tamelijk rijk mee geworden was. Het was nog wel interessant om te bezoeken, al was het maar om de ganse set up van een Amerikaanse stijl historisch museum te zien, compleet met poppen en fake re-enactment props.

Na het kasteel kwam echter de echte natuur. Op de terugweg stootten we op Government House, aka het stadhuis. Gelegen in een groot domein met prachtige tuinen, begon ik mijn mening over Victoria stilaan te herzien en te genieten van de stad. Natuur is de reden om naar Canada te komen, niet cultuur, hoe sad het ook klinkt.

In de namiddag kwam dan de echte natuur met een uitstap naar Beacon Hill park en een tripje langs de stranden van de stille oceaan.

Het park was mooi, vele eendjes, hilarische fotomomenten en nog meer van dat wat je verwacht te vinden in een park. Hoe mooi aangelegd het park was, zo rauw was de kust. Via een steile trap ga je de klif af naar het kiezelstrand dat bezaaid ligt met aangespoelde stukken hout waar je soms over moest springen of die gelukkig door voorgangers toch al zo geplaatst waren zodat je over plassen kan stappen zonder volledig nat te worden.

Dit was dan ook waar het om draaide. De wilderheid zoals ik het voorheen al genoemd heb, tot hilariteit van bepaalde, niet verder bij naam genoemde krullenbollen.

Anyway. Na een ganse dag rond te lopen, te verdrinken in de natuur, een mislukte uitstap in het Victoriaans nachtleven (tamelijk onbestaand), was het tijd voor dag 3, ook gekend als de laatste dag. Deze hebben we doorgebracht met shopping, maar dit viel ook tamelijk tegen. Na je één souvenirshop gezien hebt, heb je ze immers allemaal gezien en aangezien ik me iets of wat heb laten gaan met chocolate en gewoon, you know, eating stuff (Canada ook niet goed voor gezond eten), was het ook niet moment om nieuwe kleren te kopen die binnen een maand toch te groot zijn.

Het leuke aan dag drie was de terugtocht. Deze keer heb ik Bart achtergelaten beneden, meneer wou slapen, en heb ik me meteen vooraan in de boeg van het schip gezet, nog voor het vertrok en heb ik daar het eerste uur van de overtocht (het gedeelte waar er iets te zien is) meegemaakt. Het was werkelijk een ervaring om al de eilanden en huisjes te zien onderweg en ik wou dat ik er ook kan wonen. Maar zoals ze mij eveneens al gezegd hebben, heb ik wat een sociale verslaving heet, en heb ik mijn vriendjes nogal tamelijk hard dicht en vaak bij mij nodig en zou een huisje in the middle of nowhere, hoe mooi de nowhere ook is, mogelijk niet zo goed werken.

Nu ja, ik heb toch niet meteen het budget om te verhuizen, dus iedereen kan nog even gerust. Van zodra dat ik echter weet hoe het sociale te koppelen aan de Canadese natuur, wil ik het mogelijk wel proberen. I do love this country, just not as much as my beloved readers 🙂

En nu voor alles wat ik hier aangehaald heb kan je ook de foto’s bekijken. Hieronder vind je de links naar de verschillende albums. Pas op, sommige foto’s zijn nogal, euhm, gewaagd (in de kustfoto’s) en ik heb me mogelijk ook laten gaan in het aantal foto’s dus je gaat eventjes tijd nodig hebben om ze allemaal te bekijken.

Dikke knuffel.